Bougainvillea in Alajar in de Sierra de Aracena

Sierra de Aracena: paradijs voor levensgenieters

Verwenweek in onontdekt Andalusië

Min of meer per toeval kwamen mijn kersverse man en ik, Iris, voor onze huwelijksreis terecht in de Sierra de Aracena. Bij het kiezen van de bestemming voor onze reis lieten we van alles de revue passeren: van spectaculaire eilanden tot romantische steden. Maar na de drukte rondom onze bruiloft, besloten we dat we liever ergens naartoe wilden waar geen busladingen toeristen kwamen. Zo kwamen we uit bij een afgelegen accommodatie die al langer op mijn lijst stond: Molino Rio Álajar, een verbouwde molen in Zuid-Spanje.

Wil je deze reis zelf maken? Bekijk hem hier

Het smalste weggetje ooit

Met ons gehuurde autootje crossten we (voorzichtig) door de Spaanse heuvels. Niet dat we daar iets van zagen, want we landden pas zo laat, dat de zon allang ondergegaan was toen we ons in de drukte rondom Sevilla begaven. Hoe verder we reden, hoe rustiger het werd. Nadat we de snelweg verlaten hadden, doemde na de zoveelste bocht plotseling het goudgeel verlichte kasteel van Aracena op. Hoog op de donkere heuvel boven het plaatsje, leek het te zweven. Het ‘wat-zijn-we-op-vakantie-gevoel’ overviel ons ineens, nu we iets anders zagen dan duisternis.
Over een slingerende weg langs de flanken van de heuvels kwamen we steeds dichter bij onze eindbestemming. Eerst kregen we echter nog een uitdaging: een ontzettend smal onverhard weggetje dat kronkelend tussen gebouwen en cactussen liep, in het donker. Ik onderdrukte gelukkig nog net op tijd een impuls om mijn hand uit te steken om te kijken hoe dicht we langs de muren reden, want ik had de muur makkelijk kunnen aanraken. We volgden de achtbaan-weg door een riviertje en arriveerden ineens bij de molen. We waren er!

Na een warm welkom liepen we via een smal paadje door een dicht bos naar ons huisje met slechts het schijnsel van de telefoon-zaklamp om te zorgen dat we niet verdwaalden. Nog steeds met eigenlijk geen idee hoe onze omgeving eruitzag, stortten we ons op een laat, maar zeer welkom avondmaal.

Oase van rust

De volgende dagen ontdekten we precies hoe mooi onze omgeving was. Het dichte bos waar we doorheen gekomen waren, bleek een grote heg van witte oleander. Het hele terrein van de Molino Rio Álajar was prachtig verzorgd: een voor deze omgeving opvallend groen grasveld, een kunstig ondersteunde vijgenboom, weelderige blauwe regen boven de charmante ijzeren toegangspoort, een veld met wijnstokken direct naast ons huisje en overal bloemen.
Heuvels omringden onze oase van rust, die slechts onderbroken werd door het geluid van dieren. De luidste dieren waren met afstand de ezels. Aangezien we niet wisten waar ze waren en het geluid door de heuvels echode, konden ze overal zijn. Tijd voor een zoektocht! Het werd een wandeling vol dieren: we vonden de ezels (wel vijf, in verschillende niveaus van aaibaarheid), kikkers en een schildpad in het riviertje naast de Molino en drie kittens naast ons huisje.

Een plek om te genieten

De omgeving leende zich niet alleen voor een speurtocht naar ezels, er was nog veel meer te zien, te ontdekken en te beleven. Om de vele wandelingen te doen die door de eigenaren uitgezet zijn, heb je veel langer nodig dan de week die wij er waren. We kozen een wandeling uit waarbij we een aantal vliegen in één klap hadden: karakteristieke dorpjes gecombineerd met ruige natuur. De weinig belopen paden leidden ons naar een autovrij dorpje hoger op de heuvel, waar vooral jonge mensen wonen die zoveel mogelijk off grid willen leven. Tussen de typische rode kurkeiken stegen we naar Peña de Arias Montano, vanwaar je een prachtig uitzicht hebt over het witte dorpje Álajar, dat in een kom van heuvels ligt. Er is een legende over het kerkje dat de heuvel versiert: ieder die er doorheen gaat is binnen een jaar getrouwd. We zijn toch door het kerkje (wat feitelijk niet meer is dan een muur) gestapt, ook al zijn we al getrouwd. Wat de gevolgen dan zijn, hebben we niet gevraagd.

Tot slot liepen we door Álajar, waar sommige locals hun spullen nog vervoeren per ezel, waar de rode bloemen fel afsteken tegen de witgepleisterde muren, waar de zwerfkatten goed verzorgd worden en waar men nog weet hoe het is om in alle rust te genieten. De vele barretjes en restaurants waar altijd mensen te vinden zijn, geven aan hoe belangrijk het is voor de inwoners om de tijd te nemen om te genieten van het heerlijke eten, drinken en elkaars gezelschap. Als tijdens het eten de stroom in het hele dorp uitvalt en de zachtgele lampjes boven het plein donker worden, eet men lachend door in het licht van de maan. We wilden bijna dat de stroom niet meer aanging, want dan zouden we de honderden sterren boven ons niet meer kunnen zien.

In Álajar en omstreken hangt een sfeer waardoor je je direct thuis voelt. Op de eerste dag dat we naar de dorpswinkel gingen, vonden we er dezelfde twee mannen als op de laatste dag. Als we ’s avonds naar de pizzeria in Álajar gingen, zagen we daar onze gastvrouw van de Molino Rio Álajar en kwamen we de volgende ochtend tijdens een wandeling de serveerster van de pizzeria tegen. Nadat we in Fuenteheridos bij een fantastisch vegetarisch restaurant waren geweest, hoorden we in de grote supermarkt van Aracena een dag later ‘Hello, my friends!’ van de andere kant van de meloenen van de vriendelijke eigenaar van het restaurant.

Aracena was duidelijk groter en toeristischer dan het meer verscholen Álajar. Voor een dagje cultuur volgden we de slingerweg naar het centrum van de Sierra de Aracena. We beklommen de heuvel boven het plaatsje, waar het kasteel hoog boven de huizen uittorende. Een grote groep vale gieren verdween langzaam in de verte. Ons bezoek aan het kasteel was kort, aangezien we met name heel benieuwd waren naar de Gruta de las Maravillas (Grot der Wonderen) en er van het kasteel niet veel meer over was dan de imposante muren.

De Gruta de las Maravillas, de eerste grot in Spanje die voor het publiek geopend werd, was daarentegen spectaculair. Ons Spaans was goed genoeg om van de gids te begrijpen dat er miljoenen jaren geleden iets gebeurd was, maar wat er precies gebeurde of over hoeveel miljoen jaar het ging, begrijpen we hopelijk als we wat verder zijn met Duolingo. Ondanks dat we slechts woorden van de rondleiding begrepen, was de grot enorm indrukwekkend. We kwamen door zaal na zaal met prachtige ondergrondse meertjes, in felle kleuren blauw en kristalhelder, zodat de spierwitte bodem duidelijk te zien was. Het ene gesteente had een klein kriebelig patroon dat hypnotiserend werkte, terwijl de stalactieten in een andere zaal vormen hadden die een schunnig grapje van de gids opleverde. Weer buiten schrokken we bijna van de warmte en het felle zonlicht, maar onder het genot van een cerveza met een tapa kwamen we daar uiteraard snel van bij.

Deze reis zelf maken? Bekijk alle details hier

Door: Iris Möller
Foto's: Iris Möller