Mariëtte Weber
Het eiland staat voor Mariëtte Weber symbool voor vrijheid en
onveranderlijkheid. Een tegenhanger voor haar drukke Nijmeegse leven. Overal
vindt de bioloog wel iets wat haar fascineert; flora, fauna en geologie, maar
ook andere culturen, die haar wereldbeeld verruimen. Haar passie: de reisgroep
meenemen in haar eigen natuur- en cultuurbeleving.Op reis met
Mariëtte WeberZe leeft niet op een eiland. Integendeel, al 20 jaar
is haar naam verweven met SNP. Aanvankelijk als reisleider, maar al snel in
combinatie met allerlei kantoorfuncties; eerst in de frontlinie op de afdelingen
sales en reispersoneel, thans in de achterhoede bij documentatie De
organisatorische dynamiek verruilt ze 95 dagen per jaar voor ongerepte natuur en
boeiende cultuur, als reisleider. Mariëtte Weber houdt van contrasten
Het
eiland, een natuurfilm Schiermonnikoog. Het geluk van Mariette begint dicht bij
huis. Midden jaren tachtig deed de toenmalige biologiestudent een half jaar lang
elke drie weken vijf dagen onderzoek op het Waddeneiland naar de
concurrentieverhoudingen van planten binnen de kweldervegetatie. Voorafgaand aan
haar doctoraalonderzoek nam ze herhaaldelijk deel aan vogelringprojecten. Zo
kwam de toen in Amsterdam woonachtige student in aanraking met het
buitenleven.
Boekenwijsheid maakte plaats voor beleving. Een zintuiglijke
sensatie. Pratend over Schiermonnikoog lijkt ze in gedachten weer te struinen
langs de Waddenzee. Als een natuurfilm, zo ervoer ze het eiland. En zo ook
verhaalt ze haar belevenissen. De eerste scène handelt over vogels ringen. ‘We
zaten in een tent op de kwelder. Bij laag water spanden we netten, waar de
opvliegende vogels in vlogen als het water steeg. Gespannen wachtten we tot het
tij weer keerde. Midden in de nacht beschenen onze dikke mijnwerkerslampen de
zacht kloppende beestjes in onze netten. Een bijzondere ervaring. Met een beetje
geluk zat er een wulp of een kluut tussen.’
In de tweede scène betreedt de
jonge onderzoeker het vogelbroedgebied in de kwelder, met een ontheffing.
‘Behoedzaam bewogen we ons tussen broedende eidereenden, die ons af en toe
aanvielen. Van toeschouwer werden we deelnemer.’
Om in de derde scène de
wisseling van het jaargetijde te tonen. ‘Strenge winters midden tachtiger jaren
deden verijzelde bomen als luciferstokjes afbreken, de elfstedentocht was een
feit. We liepen over een grotendeels bevroren Waddenzee. Wat een ruimte!’Heen en
weer tussen stad en eiland, dynamiek en isolement. De aanvankelijk functionele
pendelbewegingen ontwikkelden zich geleidelijk tot een innerlijke noodzaak. ‘De
eenvoud en overzichtelijkheid van het eiland, de ruimte en de vrijheid en de
relatieve onveranderlijkheid plaatsten de drukte van mijn dagelijkse leven in
een ander perspectief. Terug in de stad moest ik weer wennen aan het rumoer.
Maar die chaos van mogelijkheden had ik evenzeer nodig. Juist de pendelbeweging
hield me in balans.’
Nieuwe koersRuimte en vrijheid vond
Mariëtte ook in een bijbaantje als postbeambte. Een brochure die ze moest
bezorgen, trok onwillekeurig haar aandacht. “SNP Natuurreizen” prijkte op het
voorblad. De connectie met Schiermonnikoog was snel gelegd. SNP reisleider, een
kans om haar passie voor en kennis van de natuur gestalte te geven. De koers was
gezet. Na haar afstuderen vond ze zichzelf terug in Toscane, de Cevennen en
andere klassieke Europese SNP bestemmingen, met in haar kielzog een reisgroep.
Ogenschijnlijk een vanzelfsprekende ontwikkeling. Maar schijn bedriegt. Nee,
gemakkelijk vond ze haar reisleiderdebuut allerminst. ‘Reizen leiden is een
veeleisende baan vanwege zijn diversiteit. Veel aspecten liggen me goed; ik neem
gemakkelijk de leiding, improviseer goed en ben een enthousiaste verteller. Maar
omgaan met tegengestelde belangen in een groep vond ik aanvankelijk moeilijk.
Mijn perfectionistische aard speelde me parten. Ik wilde het iedereen naar de
zin maken, liep op mijn tenen om fouten te vermijden. Fijn voor de groep, maar
lastig voor mezelf.’ Een moeilijke, maar leerzame school voor de jonge gids. ‘De
hoge eisen die ik aan mezelf stel, heb ik in de loop der jaren leren
relativeren. Mede door het reisleiderschap ben ik als persoon
gegroeid.’
Brede blikMariëtte voelt zich groepslid en
reisleider tegelijk. ‘Ik geniet van mijn informele contacten. Maar bovenal
geniet ik als ik zie dat groepsleden het naar hun zin hebben. Mijn uitleg over
fl ora, fauna, geologie en cultuur leidt niet zelden tot geanimeerde
groepsgesprekken, variërend van filosofische beschouwingen tot anekdotes. Aan
het eind van de reis krijg ik vaak een bedankkaartje met de tekst dat mijn
verhaal over een bepaald plantje of een rotsformatie een fascinerende en
voorheen onbekende wereld opende. Die wisselwerking, daar word ik blij
van!’
Na Europa veroverde ze Azië en daarna de Arabische wereld. Overal vindt
de veelzijdige reisleider iets wat haar fascineert. ‘Cultuur en religie trekken
me evenzeer als natuur. Door het contact met andere culturen heb ik onze
westerse cultuur in een breder perspectief leren zien. Zo lopen op Siberut, een
eiland voor de kust van Sumatra, inlanders rond in slechts een lendenlapje. Ze
worden vaak niet oud, hebben weinig bezittingen, maar stralen desondanks geluk
uit. Hun sensitiviteit in de omgang met elkaar treft me bovendien. Ze geven
blijk van een gevoel van eenheid met de natuur en met elkaar. Daar kunnen wij
van leren. Een dergelijke ervaring verruimt mijn wereldbeeld, ik laat mijn eigen
geluk nog minder bepalen door materie dan ik al deed.’
De cirkel is
rondVijf jaar geleden reisde ze met een vriendin door de Schotse
Hebriden. Opnieuw werd ze gegrepen door het authentieke eilandkarakter, dat
associaties opwekte met Schiermonnikoog. De cirkel was rond. Voor SNP
ontwikkelde ze een unieke reis in het toeristisch nauwelijks ontwikkelde
gebied.
‘Mijn kennis van het gebied geeft mij een meerwaarde als reisleider.
Ik weet precies welke bloem waar bloeit. Maar ik breng ook mijn fascinatie over
voor de schoonheid van een jagende Jan van Gent.’ Mariëtte imiteert de zweef- en
valbeweging met haar armen. ‘En ik laat mijn groep kennismaken met de ontspannen
levenswijze van de inlanders.’ Enthousiast: ‘Ik neem de groep mee in mijn eigen
natuur- en cultuurbeleving.’ Ingevulde evaluatieformulieren weerspiegelen de
hoge klantenwaardering. Vorig jaar werd Mariëtte uitgeroepen tot reisleider van
het jaar. ‘Maak daar maar geen melding van. Het was niet meer dan een
uitschieter naar boven.’ Als ik beloof haar relativering te noteren, mag ik haar
status toch wereldkundig maken. Vanwaar die bescheidenheid? ‘Een dergelijk titel
wekt hoge verwachtingen. Lastig voor een perfectionist; dan heb ik het gevoel
dat ik de lat nóg hoger moet leggen.’